Bespancursus

   
Bij de Schans wordt een bespanmachine gebruikt waar gebruik gemaakt wordt van een elektronisch lineair aanspansysteem. Met deze machine kan redelijk snel en tot op de 100 gram nauwkeurig in 1/2 uur tijd een racket bespannen worden.

   
Voorbereiding

De voorbereiding bestaat uit het verwijderen van de oude snaren uit het racket. Om vervorming van het racket te voorkomen moet begonnen worden met de middelste snaren in het midden los te knippen en zo verder in een rondgang naar de buitenzijde van het racket. 

Dit onderdeel van de voorbereiding kun je thuis ook zelf doen.

 

   

Hierna wordt de nieuwe snaar gekozen en op lengte gemaakt (10 1/2 meter) en afhankelijk van de gekozen bespanmethode wordt een deel van de lengtesnaren à  2 m. 90 cm apart afgemeten (in één stuk bespannen) of 5m80 voor de lengtesnaren afgeknipt (in twee delen, met 4 knopen bespannen).

Welke bespanmethode?

Voordat je een racket bespant moet je eerst weten of het met de 2 knopen methode of de 4 knopen methode bespannen moet worden. In principe kan je elk racket met de 2 knopen methode bespannen. De 4 knopen methode belast het racket minder. Bij deze methode begin je net als bij de lengtesnaar in het hart, waardoor het racket minder vervormt. De 4 knopen methode vraagt echter meer snaar en tijd. Bij deze methode heb je wel veel meer mogelijkheden om de combineren b.v. een sterke lengtesnaar en een soepele breedtesnaar (eventueel met een aantal kilo's minder). Wij gaan hier verder met de 2 knopen methode.  

 

Welke spankracht?

De gewenste spankracht stel je tevoren in (foto 54,6 pound).  Hier werk ik in kg. Per 0,1 kg. in te stellen.
De lengtesnaar

Je moet de snaar in het racket rijgen. Je hebt op de snaar een markering   aan gebracht. Deze markering verdeelt de snaar in een kort en een lang gedeelte. Om er achter te komen waar je moet beginnen moet je in het hart van het racket (dit is de verbinding van blad en steel) kijken hoeveel snaren er ingerijgd kunnen worden. Als het er 2 (1 lus) of 6 (3 lussen) zijn dan moet je hier beginnen. Als het er 4 (2 lussen) of 8 (4 lussen) zijn dan moet je boven aan het racket beginnen. Rijg nu het korte en het lange gedeelte van de snaar elk aan een kant.  

Klem nu links (mag ook rechts zijn) van het midden de snaar met een tang vast. Trek nu rechts de snaar handmatig strak.

Elke keer als je een snaar aanspant moet de snaar in de snelspanner geklemd worden. Het draaimechanisme zover draaien totdat deze zichzelf vastzet. 

 

   
Het stretchen tijdens het bespannen is heel belangrijk voor een evenwichtige bespanning. Als je dit goed doet, dan blijft de dynamic tension waarde van de bespanning veel langer op peil. Bij bespannen zonder stretchen weet je niet precies wat het resultaat is. Het gemiddelde is dan misschien wel goed, maar de snaarspanning onderling zal veel grotere verschillen vertonen en zal sneller teruglopen.

Deze bespanmachine heeft een automatische in te stellen stretchfunctie. 

 

   
Klem nu met de rechter tang (dit is op dit moment de tang die nog vrij is) het aangespannen gedeelte zo dicht mogelijk bij het frame vast. Nu kun je de snaar uit de snelspanner halen. Dit doe je door de arm helemaal omhoog te bewegen. Je gaat nu de volgende twee snaren aanspannen. Rechts of links maakt niet uit. Belangrijk is wel dat je het om de beurt doet 2 links en dan 2 rechts, voor een gelijkmatige belasting van het frame. Let op er moeten altijd twee dingen vast zitten: 2 tangen of de snelspanner en de tang die het verst weg is. Denk dus goed na voordat je een tang los maakt. Ben je bij de laatste lengtesnaar aan de korte kant, dan kan het zijn dat je die alleen (dus niet met twee tegelijk) moet aanspannen.

Nu kun op verschillende manieren aanspannen voor het afknopen. Zoek de dichtst bijzijnde grote lengtesnaartube en steek het snaaruiteinde er bij langs. Haal het snaaruiteinde over deze lengtesnaar en steek het snaaruiteinde door de lus die ontstaan is. Trek deze knoop goed aan en hou deze kracht erop en trek de knoop tegen het frame aan. Boven op deze knoop nog een zelfde knoop. Je kunt nu aan deze kant de tang los maken. Je kunt nu de overtollige snaar afknippen (niet te kort)
 

 

De breedtesnaar
 
 
Als je bij de andere kant met de lengtesnaar aan het einde bent gekomen. Moet je bij de 2 knopen methode naar de eerste breedtetube gaan. Deze is in de buurt (soms gelijk ernaast soms wel 3 lengtesnaren eerder). Kun je moeilijk langs de lussen van de lengtesnaren aan de buitenkant van het frame komen, gebruik dan een priem of b.v. een breinaald om ruimte te maken. Beschadig hierbij niet de snaar of de tube met de punt van de priem.

Nu begint het weven. Als je door de tube bent met het snaaruiteinde dan doe je één hand boven het racket en één hand eronder. Neem het snaaruiteinde kort tussen beide wijsvingers en manoeuvreer het snaaruiteinde afwisselend over en onder de lengtesnaren. Steek het snaaruiteinde door de eerste breedtetube. Controleer voordat je de snaar helemaal doortrekt of je geen weeffouten hebt gemaakt. Een handig controlemiddel is als boven bent begonnen met weven moet je onder eindigen.

 

   
Let op dat je bij het doortrekken van de snaar de kruispunten met de lengtesnaren niet inbrand. Stuur met 1 hand de breedtesnaar aldoor in een bocht bij het doortrekken. Voor het aanspannen moet je de breedtesnaar wel weer recht doen. Bij de 2 knopen methode moet je de eerste breedtesnaar met hetzelfde aantal kilo's aanspannen als de lengtesnaren. Dan moet je voorzichtig het aangespannen gedeelte heen en weer bewegen. Pas bij de 2 de breedtesnaar kun je het aantal kilo's aanpassen als je dat wilt. De breedtesnaren worden 1 voor 1 aangespannen, omdat de wrijving groot is. Nadat je de laatste breedtesnaar hebt aangespannen, kun je deze op dezelfde wijze afknopen als de korte kant. Racket uit de klemmen van de bespanmachine halen en klaar is Kees.

 

   

Na het bespannen

Het racket is nu speelklaar. Je kunt het echter nog beter verzorgen.

Je kunt de snaren wat rechter in het frame schuiven, dat ziet er wat verzorgder uit. Geef het racket een dagje rust, want het elasticiteitsverlies is in het begin het hoogst.